|
Als je in bezit bent van een
bovenfrees en een bankschroef dan is daarmee op eenvoudige wijze met wat
restjes hout een freeshulpstuk te maken voor het vervaardigen van labia
van houten orgelpijpen.
Constructie
De basis bestaat uit twee houten
hoeklijnen gemaakt uit 4 stukken plaatmateriaal, bijvoorbeeld MDF of
multiplex, ongeveer 15 mm dik, ca. 300x80 mm. Deze maten zijn niet
kritisch en kunnen worden aangepast aan de beschikbare bankschroef. Zet
de stukken twee aan twee langs de lange kant precies haaks op elkaar met
behulp van spijkers (schroeven) en houtlijm. Als dit droog is, de randen
vlak en haaks schuren. Monteer de twee stukken hoeklijn precies tegen
over elkaar in een bankschroef. Dit kan een metalen bankschroef zijn
maar ook een ouderwetsche houten bankschroef mits de bekken geen of
weinig speling hebben. De meeste metalen bankschroeven zijn voorzien van
losse bekken. Deze worden verwijderd en de schroeven en schroefgaten
benutten we voor het vastzetten van de houten hoeklijnen. De schroeven
verzinken in de hoeklijn. Soms is een ‘vul’ latje nodig om de sponning
waarin de oorspronkelijke bekken zaten op te vullen. Draai daarna de
bankschroef dicht en controleer of de hoeklijnstukken recht tegenover
elkaar uit komen. Controleer ook de speling van de bankschroef. Zet
daarvoor een potloodstreep over de hoeklijnen en kijk of deze bij het
open en dichtdraaien van de bankschroef steeds netjes tegenover elkaar
uitkomen. Is dit niet het geval, monteer dan twee geleidestangen in de
houten hoeklijnen. Je kunt hiervoor bijvoorbeeld 8 mm aluminium buis
gebruiken, ca. 200 mm lang. Boor in één van de hoeklijnen een gat van 8
mm, 50 mm diep, en door de andere een gat van 8,1 mm. Neem de tijd om de
gaten nauwkeurig af te tekenen zodat ze precies tegenover elkaar in de
hoeklijnen komen. Sla de buisjes in de gaten van 8 mm. Schuif de tweede
hoeklijn over de buisjes en controleer de passing. Het heen en weer
schuiven van de losse hoeklijn moet vrij gemakkelijk gaan en hij mag
niet klem lopen. Monteer daarna aan de binnenkanten van de hoeklijnen
twee steunlatjes (zie tekening) van ongeveer 4x4x150 mm, onder een hoek
van 14º, ongeveer 80 mm vanaf de rechterkant. Op deze latjes komt
tijdens het frezen de pijpvoorkant te liggen. Monteer de hoeklijnen weer
in de bankschroef en ga na of de steunlatjes exact tegenover elkaar
uitkomen. Is dit niet het geval, dan kun je met de dichtgedraaide
bankschroef de bovenkant van de latjes met een vijl gelijk maken.
Zet een frees van 8 mm in de
bovenfrees en laat de frees een flink eind uitsteken. Plaats de
bovenfrees (niet ‘aan’ zetten!) op de hoeklijnen en draai de bankschroef
zover dicht dat de frees geen speling meer heeft tussen de hoeklijnen.
Geef nu op de hoeklijnen met een potlood de zijkant van de freeszool
aan. Leg daarvoor een winkelhaak tegen de zool en streep hierlangs af.
Schroef langs deze potloodlijnen een latje van ongeveer 12x12x300 mm (leikantlatjes).
Check of de latjes parallel lopen met de binnenkant van de hoeklijn.
Gebruik
Bewaar bij het zagen van de
pijpwanden van elke pijpwanddikte een paar afval latjes. Geef op elke
pijpvoorkant de labiumhoogte aan met een diepe insnede. Dit kan je met
een klap op een beitel doen (beitelvouw naar toekomstige
labiumuitsparing richten) of met een (afbreek-)mesje. Plaats de
pijpvoorkant tussen de hoeklijnen op de steunlatjes, labiumsnede naar
beneden en draai de bankschroef dicht. De pijpvoorkant mag net niet
boven de hoeklijnen uitsteken (zie tekening). Leg tegen de beide
leikantlatjes een stukje afvalhout met de dikte van de betreffende
pijpwand. Plaats hiertussen de bovenfrees en zet de frees aan, de diepte
instelling gebruiken om de frees iets uit te laten steken. Beweeg de
frees een paar keer over het labium heen en weer zodat de hele bovenkant
van de pijpvoorkant geraakt wordt. Geef de frees iets meer diepte en
herhaal de beweging. Herhaal dit net zolang totdat de onderkant van de
pijpvoorkant een scherpe punt is geworden. Nu moet in het freesvlak de
insnede van de labiumhoogte zichtbaar zijn. Zoniet, dan deze iets dieper
insnijden. Je kunt nu het labium voorzichtig uitbreken. Labium
nabewerken met schuurpapier. Voor het frezen van het volgende labium
eerst de freesdiepte instelling iets terug nemen. |
|
Nog een paar opmerkingen
De maatvoering van de hoeklijn
en dergelijke is niet kritisch. De maten kunnen aangepast worden aan de
beschikbare bankschroef. Voor een goede werking van het freeshulpstuk is
het wel van belang dat de bankschroef weinig speling heeft.
Met het gegeven ontwerp is het
mogelijk om elk labium te frezen tot een minimum breedte van 8 mm bij
een pijpwanddikte van 4 mm. Voor het frezen van smallere labia moeten de
leikantlatjes opnieuw worden aangebracht. Maak daarvoor op een andere
plek nieuwe bevestigingsgaatjes in de latjes en herhaal de hiervoor
beschreven bevestigingsprocedure met een kleinere frees in de machine.
Met een kleine frees kun je natuurlijk alle labia van een register maken
maar dan moet je voor de brede labia de frees wel vaak heen en weer
halen. Vind je het gemakkelijker om voor de grote pijpen een grotere
frees te gebruiken, dan moeten de leikantlatjes daarvoor opnieuw worden
ingesteld.
Bij sommige registers houten
pijpen zijn de labia smaller dan de inwendige pijpbreedte. Je kunt dit
eenvoudig realiseren door voor de losse inleglatjes een grotere maat te
nemen dan de pijpwanddikte. |